Darmkanker

>
>

Kanker algemeen

Kanker is een verzamelnaam voor meer dan 200 aandoeningen. In vrijwel elk weefsel in het lichaam, kan er kanker ontstaan en dus ook in de darm – darmkanker. Normaal blijft de aandoening beperkt tot 1 of maximaal 2 organen. Merkt men de aanwezigheid van kanker niet dadelijk op, kunnen er

Kanker

Kanker neemt toe

secundaire tumoren ontstaan die een sterk variërende invloed hebben op de gezondheid. Sommige kankers zijn zo klein dat wanneer ze vroegtijdig opgemerkt worden, volledig behandeld zijn na 10 minuten. Andere daar en tegen zoals longkanker en darmkanker zijn moeilijk te genezen.

Een tumor is een hoop cellen met een ongecontroleerde celgroei. Dat komt omdat er in het DNA van een menselijke cel, veranderingen zijn opgetreden, meestal fouten in het delen van de cellen, die zorgen voor een ongelimiteerde celgroei. De cel voert niet de functies meer uit doe het zou moeten uitoefenen.

We spreken dan ook van goedaardige en kwaadaardige tumoren. Goedaardige tumoren (benigne) kunnen groeien maar dringen geen andere cellen of weefsels binnen. Ze kunnen er wel tegen drukken maar invaseren de andere cellen niet. Kwaadaardige tumoren (maligne) bezitten cellen die wel andere weefsels binnendringen en daar de organen stuk maken. Kwaadaardige tumoren verspreiden zich via de oppervlakte van weefsels en komen zo terecht in de lymfe- en bloedvaten terecht.

Dikwijls ligt het in de genen vast of mijn kans maakt om tumoren te ontwikkelen. Wanneer  het niet genetisch bepaald is, liggen de oorzaken meestal uitwendig. Alles wat kanker kan veroorzaken noemen we carcinogeen. Deze carcinogenen kunnen meestal onderverdeeld worden in 3 groepen:

  • Virussen (vb. baarmoederhalskanker)
  • Straling (vb. huidkanker)
  • Chemische stoffen (vb. darmkanker en longkanker)

Een tumor kan met behulp van röntgenonderzoek, scanning en endoscopie opgemerkt worden.
De meest voorkomende kankers zijn:

  • longkanker (25%)
  • endeldarmkanker (12%)
  • prostaatkanker (14%)
  • huidkanker (7,5%)

Bij mannen en

  • Borstkanker (31%)
  • endeldarmkanker (15%)
  • Baarmoederhalskanker (8%)
  • huidkanker (7,5%)

bij vrouwen.

Kanker bij kinderen is zeldzaam maar kan optreden. Meestal betreft het dan ook andere vormen van kanker die in grote mate wel bij volwassenen kunnen optreden. Bij kinderen komen volgende kankeraandoeningen frequent voor:

  • Hersenen en zenuwstelstel (25%)
  • Leukemie (30%)
  • Lymfomen (kanker van het lymfeweefsel bij iets oudere kinderen en peuters, 13%)

Opgelet: Wratten en bepaalde moedervlekken zijn ook kanker voorbeelden. Daarom wordt dikwijls gezegd dat men wratten in het oog moet houden.

Verschillende vormen van kanker

Zoals we reeds vermeld hebben, kan kanker in alle organen voorkomen.  Toch heeft men verschillende groepen kanker die met in categorieën kan onderverdelen.

Sarcomen

Sarcomen vormen zich in pezen, botten en  spieren of meer bepaald in het bind- en steunweefsel. Ze komen minder vaak voor dan de carcinomen die we hier verder bespreken.

Carcinomen

Deze vorm van kanker ontstaat in de oppervlakte laag of eptiheelcellen van de organen en weefsels en is dus steeds kwaadaardig.  Voorbeelden zijn:

  • mammacarcinoom
  • adenocarcinoom
  • basaalcelcarcinoom
  • plaveiselcelcarcinoom

Hieronder vallen borstkanker, longkanker, huidkanker, darmkanker enz..

Uitzaaiing van de kanker

Het begrip uitzaaiing of metafase heeft betrekking op kankercellen die zich via het bloed- of lymfevaten systeem verspreid hebben naar andere delen van het lichaam. Dit zijn kleine celgroepen die zich in andere organen en weefsels gevormd hebben. Heeft men een vermoeden van uitzaaiing, gaat men dikwijls over tot een verdere behandeling met chemotherapie. Ook in vele gevallen wanneer de lymfeklieren rond het primaire kankergezwel verdikkingen vertonen, worden deze eveneens weggehaald. Kankercellen kunnen zich nl. heel makkelijk en snel doorheen de lymfevaten verspreiden.

Maar ook in de inwendige holtes van het lichaam, doen kwaadaardige tumorcellen het goed: buikholte (ascites) en de borstkas (effusie). Deze kankercellen worden gevoed door vocht in de lichaamsholtes, die op hun beurt ook vocht gaan afscheiden. Zo kan men dus vochtophopingen krijgen.

Het lichaam reageert op kankercellen net zoals bij een infectie. Mensen op middelbare leeftijd of die reeds ziek zijn, zijn in vele gevallen veel gevoeliger voor kanker. Meestal is het ook in die periode dat kanker zich begint te manifesteren.

Darmkanker

Darm

Darmstelsel

Darmkanker kent verschillende vormen maar de meest voorkomende is endeldarmkanker of dikkedarmkanker. Kankergezwellen in de darm ontwikkelen zich meestal uit tot goedaardige kankergezwellen of poliepen. Ze kunnen bloedingen veroorzaken waardoor men bloed in ontlasting terug vindt. Wanneer de tumor reeds in een later stadium is, leidt dit tot veranderingen in de stoelgang, verstopping en buikpijn.

De vagina en de endeldarm liggen vooraan zeer dicht tegen elkaar. Wanneer er zich een kankergezwel vormt vooraan in de endeldarm, kan deze doorbreken tot in de vagina en zelfs de urineweg. Hierdoor komen ontlasting, gas en bloed in de vagina of urineleiders terecht. Dit leidt tot infecties en beschadigingen van de blaas en nieren.

Darmkanker vaststellen

Meestal wordt er eerst een rectaal onderzoek door de dokter verricht. Voelt hij iets abnormaal, dan wordt de patiënt doorverwezen naar een specialist.

microscopisch onderzoek

microscopie

Door middel van een endoscoop (colonoscoop, gastroscoop, sigmoïdoscoop voor maag-darm), een buigbare darm met een lamp, bekijkt men de binnenkant dan de dikke darm en endeldarm. Wanneer men de verharding gevonden heeft, voert men een biopsie uit. Men neemt dan een stukje weefsel dat men verder gaat onderzoeken. Het weefsel wordt in coupes gesneden, gefixeerd en onder de microscoop bekeken.

Stelt men darmkanker vast, gaat men een stukje darm wegnemen en de uiteinden terug aan elkaar vastmaken.

Vezels voorkomen dikke darmkanker

Dikke darmkanker komt veel minder voor bij mensen die vezelrijk voedsel eten. Men vermoedt dat de vezels de darmwand schuurt en deus de afvalstoffen beter naar buiten kan transporteren. Voedingsvezels zorgen ook voor een snellere passage van het voedsel aangezien ze water vasthouden. Hierdoor blijven carcinogen minder lang in het lichaam. Natuurlijk is dat niet de enigste oorzaak van kanker.

 

>
>